Zwellingen

Inleiding

Onderscheid gelokaliseerd versus veralgemeend

  • Veralgemeend: anamnese + KO (snelheid van opkomen + omstandigheden!)

    • Trauma

    • Infectie

    • Allergie

    • Systemisch

  • Gelokaliseerd: topografisch redeneren

    • Laterale hals

    • Midlijn van gelaat/hals

    • Intra-oraal uitgaande van kaakbeenderen

    • Palatum

    • Gingiva

      • Gelokaliseerd

      • Veralgemeend

    • Lip

      • Gelokaliseerd

      • Veralgemeend

    • Tong

Veralgemeende zwellingen

  • Karakteristiek

    • Obesitas

    • Endocriene stoornis

    • Veneuze obstructie

    • Lymfatische obstructie

    • Postoperatief oedeem/hematoom

    • Subcutaan emfyseem: snuitverbod + AB-dekking

    • Allergisch oedeem: cave luchtweg + shock

Subcutaan emfyseem

  • DEF: Lucht onder de huid

  • E/

    • Vaak bij zygomafracturen => lucht bij snuiten doorheen maxillawand richting huid => opzwelling gelaat/periorbita

    • Kan na tracheotomie waarbij de open trachea niet afgeduwd wordt bij praten/hoesten

    • Na tandextractie met OAC

    • Na zuurstofwater in caviteit

    • Na spuiten met luchtdrukspuit/airrotor

  • KO/ Crepitaties bij palpatie + op (CB)CT

Gelaatstrauma

  • Rondom fractuurregio

  • Vnl eerste 5 dagen, nadien ecchymose met afzakking

  • Verdwenen na 10-14 dagen

  • Soms 1-2 dagen moeilijk om ogen te openen

  • R/

    • Perop corticoiden

    • Hoogstand

    • IJsapplicatie (hilotherm)

Vena cava superior syndroom

  • DEF: Obstructie VCS

  • E/

    • Thrombus

    • Tumorcompressie

    • PICC katheter/pacemaker (bij opheffen armen)

  • S/

    • Gezwollen rood aangezicht

    • Zwelling armen

    • Dyspnee

    • Hoesten

Lymfoedeem

  • DEF: Opstapeling vocht boven aangetast gebied

  • E/

    • Na halsklierevidement

    • Na okselklierevidement (borsca)

    • Na radiotherapie

    • Tumorgroei in ductus thoracicus

    • Lymfeklierkanker

  • R/

    • Geen medicamenteuze R/

    • Gezond en actief leven

    • Lymfedrainage

Angio-oedeem

  • DEF: aanvalsbewijze periodiek optredende zwelling van gelaat met dikke onderlip, soms warmtegevoel

  • E/

    • Bij 0,1-0,5% van gebruikers van ACE-I

    • Extravasatie van vocht naar interstitium

  • Syn/

    • Quincke-oedeem

    • Angioneurotisch oedeem

  • Vormen

    • Hereditair: zeldzaam

      • C1-esteraseremmerdeficiëntie door mutatie

      • Type 1: functie en hoeveelheid C1EI verminderd

      • Type 2: functie C1EI verminderd

    • Verworven: onderliggend lijden of ACE-I

      • B-celmaligniteit

      • Auto-immuun

        • C1EI deficiëntie: op te sporen door C4 bepaling

      • ACE-I

        • Door opstapeling bradykinine (wordt normaal omgezet door ACE) => NO-gemedieerde vasodilatatie => vasculaire permeabiliteit stijgt + vrijzetting vasoactievestoffen (prostaglandinen)

        • Daling angiotensine II => effect bloeddruk

      • Antiandrogene hormoonbehandeling

        • Vb bij acne

  • R/

    • Afh van de ernst

    • Intubatie zonodig

    • Indien gekende C1EI-def. dan IV bolus 1000 E C1-esteraseremmerconcentraat (Cetor)

    • Icatibant = bradykinineremmer bij hereditair angioedeem en evt ook bij ACE-I geïnduceerde vorm

Allergie

  • Acuut levensbedreigend: anafylactische shock

  • Mildere vormen (vb huisstofmijt, haarverf (=paraphenylenediamine)

  • Contact dermatitis en eczeem typisch 24u na aanraking

  • Na zonexpositie bij gebruik vastiumgel, ibuprofen, furosemide, bereklauw

  • Contact met pastinaak, engelwortel, selderij, peterselie, dille, wijnruit, sint-janskruid

Anafylactische shock

  • Allergeen bindt met IgE => binding op IgE-receptor op mastcel & basofiel => release van oa histamine => contractie van bronchi, vasodilatatie, lekkage in interstitium => hartfalen, oedeem

  • Gemiddeld 5-30 minuten na contact

  • E/

    • Voedsel: noten, schaaldieren

    • Contraststoffen: jodium

    • Medicatie: penicilline, aspirine

    • Wespen/bijen

    • Latex

    • Cave: tumorgroei thv hals die trachea comprimeert

  • S/

    • Zwelling aangezicht, hals

    • Rash

    • Dyspnee

    • Wheezing, stridor

    • Jeuk

    • Buikklachten

    • Angst, verwardheid, moeilijker spreken

    • Acute bloeddrukdaling

    • Coronaire spasmen met myocardinfarct

  • R/

    • Antihistaminicum (Phenergan)

    • Adrenaline 0,3 mg (Epipen) IM of IV

      • Zeker indien stridor, benauwdheid, shock, bewustzijsdaling

    • Glucocorticoïden: prednisone 1 mg/kg (max 25 mg) of solucortef 4 mg/kg (max 100 mg) IV

    • Indien nodig: vrije luchtweg met intubatie

Infecties

  • Vnl snelle uitbreiding indien infectie begint achter M1 => linguaal/onder m. Mylohyoideus => submandibulair/perimandibulair, submentaal, parafaryngaal, retrofaryngeaal en zo naar mediastinum+pericard

  • Indien in thorax: snelle subcutane verspreiding met roodheid+crepitaties

  • WBC en CRP komen vaak achter door de snelle verspreiding

  • In BK kans op verspreiding naar intracraniaal

  • Op CT: lucht thv hals

  • R/

    • Incisie en drainage halsloges

    • Antibiotica

Obesitas

  • BMI > 30 kg/m2

  • Te veel calorie intake, gebrek aan lichamelijke activiteit, genetische aanleg

  • Soms ook door endocriene, medicamenteuze, psychische oorzaak

Hypothyreoïdie

  • Belang van palpatie (nodules?)

  • Echografie + FNAC van nodule

  • Zes Bethesda categorieën

    • I-III: niet operatief

    • Vanaf IV: operatief

  • Maligniteit: staging volgens grootte + aanwezigheid klieren, metastasen

  • Te weinig T3 => hypothyreoïdie

  • Primaire: te veel aan TSH om T3 (tevergeefs) te stimuleren

  • Secundaire: te weinig TSH en te weinig T3/T4 door te weinig aanmaak TSH in adenohypofyse

  • Tertiaire: te weinig stimulatie vanuit hypothalamus. TRH is verlaagd. Vb door tumor thv hypothalamus

  • S/

    • Zwelling aangezicht en hals

    • Myxoedeem

    • Droge koude bleke/gele huid

    • Haaruitval, broos haar

    • Uitval wenkbrauwen

    • Gewichtstoename

    • Zwaardere hese stem

    • Constipatie

    • Langzame spraak

    • Kortademigheid

    • Concentratiestoornissen

    • Cognitieve vertraagdheid

    • Apathie

    • Spierzwakte

    • Depressie

    • Slaapstoornissen

    • Nervositeit

    • Vocht ophouden in andere ledematen

    • Tintelingen in armen en benen

  • Zwangerschap

    • Belang normale schildklierfunctie voor ontwikkeling foetus

    • TSH test tijdens zwangerschap

    • Test bij hielprik bij pasgeborene

    • Indien te laat bij pasgeborene

      • Suf

      • Lage diepe stem

      • Hypotoon

      • Traag drinken

      • Navelbreuk

      • Obstipatie

      • Langer geel uitzicht

      • Bol gezicht

      • Cretinisme

      • Droge huid

      • Perifere cyanose

  • E/

    • Hashimoto: autoimmuun

      • Op alle leeftijden, meestal vrouwen

      • Antistoffen tegen eigen schildklier

      • Chronische ontsteking met daling functie

    • Inname jodiumhoudend voedsel/medicatie

    • Schildklieroperatie

    • Doorgemaakte thyreoïditis

Hyperthyreoïdie

  • Te veel aan schildklierhormoon

  • S/

    • Warmte-intolerantie

    • Transpiratie

    • Gewichtsverlies

    • Tachycardie

    • Tremor

    • Frequente ontlasting

    • Vermoeidheid

    • Spierzwakte

    • Exoftalmie

    • Ontregelde menstruatiecyclus

Hypoalbuminemie

  • E/

    • Ernstige ondervoeding

    • Nierfunctiestoornissen (nefrotisch syndroom)

    • Darmziektes met proteïneverlies

    • Gebruik corticosteroïden => moon facies

    • Einde zwangerschap (indien + hypertensie => pre-eclampsie (3-5% van zwangeren)

    • HELLP-syndroom: hemolysis, elevated liver enzymes, low platelets

      • Perifeer oedeem

      • Hypertensie

      • Misselijkheid en braken

      • Pijn thv lever

      • Hoofdpijn

      • Tintelende vingers

      • R/ inleiden geboorte (evt cesario)

  • S/

    • Accumulatie van vocht onder de huid (veralgemeend oedeem)

Cushing syndroom

  • E/

    • Bijnieren maken te veel cortisol

    • Storing thv hypofyse, bijnieren of elders in het lichaam

  • Normale werking: Hypothalamus maakt corticotropin-releasing hormoon (CRH) => hypofyse released ACTH => via bloedbaan stimulatie van bijnieren om cortisol aan te maken => bloeddruk op peil houden, controle immuniteit, verwerking eiwitten, koolhydraten en vetten, adequate stress-respons

  • S/

    • Moon face

    • Buffalo hump

    • Dunne huid, striae

    • Dunnere armen en benen

Gelokaliseerde zwellingen

Laterale halsstreek

Inleiding

  • Frequent bij vele aandoeningen

  • Uitgebreide Dif diagnose

  • Leeftijd cruciaal in diff. diagnose

Anatomisch overzicht

  • Functie

    • Mobiliteit hals

    • Transit: trachea, oesofagus, vasculair

    • Fonetiek: larynx

    • Exocrien

      • Speekselklieren: submandibulaire, sublinguale, parotis (caudaal deel onder de angulus mandibulae)

    • Endocrien

      • Thyroïd

      • Bijschildklieren

      • Glomus caroticum

        • thv carotisbifurcatie

        • Pressorreceptor

        • Via n. glossofaryngeus afferenten voor bloeddruk

        • Reflectoire efferenten (ortho/para)

    • Fascia

Huid & adnexen

  • Grootste orgaan

  • Adnexen: zweetklieren, haren, nagels

  • Erysipelas

    • Def: Ernstige huidinfectie door streptokokken

    • S/

      • Meestal thv ledematen/gezicht

      • Hals minder frequent

      • Kan klieren geven

      • Forse roodheid

      • Warmte

      • Koorts

      • Misselijkheid

    • E/

      • Via ingangspoort

      • Vnl bij diabetici of verlaagde immuniteit

  • Follikel

    • Haarzakje met sebumklier

    • Folliculitis: ontsteking van sebumklier

      • E/ obstructie klier met opstapeling sebum

        • Retrograde kolonisatie excretoire gang

        • Staphylococcus aureus

  • Furunkel

    • Uitgesproken folliculitis

    • R/ drainage (spontaan/afwachten)

      • Bij manuele poging drainage kan infectie uitbreiden in weefsels

      • Soms systemischeAB

      • Na afkoelen soms achterbijvencysteuze massa: sebumcyste=> resectie

Speekselklierpathologie

  • Sialolithiasis

  • Plunging ranula

  • Benigne/maligne tumor

Branchiale cyste, sinus en fistel

  • 5 Kieuwbogen (° 4e-5e week)

    • Mesotheel afgelijnd door endodermale uitstulpingen & ectodermale inkepingen

    • Kraakbeen, spiercomponent, craniale zenuw, aftakking aortaboog

  • 1e endodermale uitstulping & ectodermale instulping => uitwendige gehoorgang + buis van Eustachius resp.

  • 2e, 3e, 4e instulping worden overgroeid door mesoderm 2e kieuwboog die naar caudaal migreert

  • Pathologie: afgesloten holte (cyste), doodlopende gang (sinus), door&door verbinding (fistel)

  • Rond het oor: 1e kieuwboog

  • 2e-3e-4e kieuwboog: door problemen overgroei mesoderm 2e kieuwboog

    • S/ zwelling anterieur m. SCM

    • Vaak bij jonge kinderen reeds te zien, soms bij volwassenen

    • Bij punctie cyste: groenbruin visceus vocht (erwtensoep = pathognomonisch)

    • R/ resectie van cyste

    • R/ volledige resectie van sinus/fistel anders zeker recidief

Lymfadenopathie

  • Uitgebreid 3D netwerk in hals zowel diep als oppervlakkig

  • 5 regio's: prognostisch & diagnostisch belang

  • Reactief: infectie op afstand of infectie klier zelf

  • Maligne proces: op afstand of primaire maligniteit lymfeklier

  • Steeds bepalen: ethyl, tabagisme, leeftijd

  • Infectieus

    • Virale aandoeningen BLW

    • Sinusitis

    • Tonsillitis

    • ANUG

    • Dentogeen abces

    • Herpangina

      • E/ coxackie A1/A6)

      • S/ keelpijn, koorts, malaise, roodheid & vesikels palatum molle/farynxbogen

      • Submandibulaire lymfadenopathie

      • R/ conservatief

    • Herpes

      • S/ Veralgemeend gingivaal erytheem en vesikels die conflueren

      • Submandibulaire lymfadenopathie

      • R/ conservatief

    • Cutane parasitaire infecties scalp => occipitale lymfeklieren

    • Mononucleose (klierkoorts)

      • E/ Epstein-Barr infectie B-lymfocyten

      • Vaak subklinisch op kinderleeftijd, hoe ouder patiënt hoe meer S/

      • S/

        • Lymfadenopathie (posterieur van SCM)

        • Vermoeidheid, malaise, koorts

        • Hepato-spleno-megalie

        • Tonsillitis met wit beslag

        • Palatale petechieën

      • DDx/

        • Bacteriële tonsillitis

      • R/ supportief,

        • indien AB wordt gestart (vb bij foutief denken aan bacteriële tonsillitis) => jeukende rash. Evt te vermijden door small spectrum fenoxymethylpenicilline

    • Toxoplasmose

      • E/ toxoplasma gondii = intracellulaire parasiet

      • Gastheer = katachtigen, excretie van oöcyten via faeces => opname door grazers => toxoplasmaweefselcysten => besmetting mens via ongewassen groenten/eten grazers met weefselcysten (schapen/geiten, varkens), rauwe melk

      • 80-90% subklinisch

      • S/

        • Cervicale lymfadenopathie

        • Soms keelpijn

        • Zelden koorts, malaise

      • R/ bij infectie van het oog of hartspier (zeer zeldzaam)

      • Probleem bij infectie van de zwangere!

        • Verticale transmissie

        • Microcefalie en mentale retardatie ongeboren kind

    • Kattenkrabziekte

      • E/ barthonella henselae = gram negatieve staaft

      • Asymptomatisch bij verwilderde katten en soms huiskatten

      • S/

        • Besmetting mens via krabwonde of vlooienbeet => ulceratief letsel => Na enkele weken zwelling van 1 tot enkele lymfeklieren in drainagegebied van het letsel: pijnlijk en erythemateus

        • Geen/milde systemische S/

      • R/ zelflimiterend, evt doxycycline, zeldzaam excisie van klier en drainage abces

    • Tuberculose

      • 200 jaar geleden frequent

      • Nu enkel in arme regio's

      • Jaarlijks nog 3 milj. dodelijke slachtoffers en 9 milj. besmettingen

      • E/

        • longTBC door mycobacterium tuberculosis

        • Atypische mycobacteriën

        • Gram positieve staven die intracellulair overleven, delen na fagocytose door macrofaag

        • Macrofaag vervoert ze naar lymfeklier => omkapseling tot tuberkels => latent aanwezig of activatie bij daling immuniteit

        • Steeds aan denken bij immuunincompetente patiënten, HIV, patient onder TNF-alfa blokkade

      • S/

        • Opzetting klieren (cervicaal/mediastinum/...) => rubberachtig, verkleven met omgeving

        • Abcedatie zeldzaam

Lymfekliermetastasen van orofaryngeale tumoren

  • E/

    • Thv hals: zoek primaire tumor in hoofd-halsgebied

    • Soms door long/maag/borstca

    • Meest frequent: spinoCC orale caviteit, farynxboog, tonsillen, oro/nasofarynx, paransale sinus, larynx

    • Adenoca thv neus en paranasaal

    • Speekselklierca/thyroidca

  • Lymfomen

    • KO

      • Palpatie hals, orale caviteit

      • Endoscopie neus/sinussen

    • CT/MRI

    • FNAC/biopsie van gevonden letsel

    • Staging

    • DDx maligniteit

      • Leeftijd

      • Risicogedrag: ethyl, tabagisme

      • B-symptomen: vermagering, nachtelijk transpireren

      • Pijnlijke zwellingen => geruststellend uitz: pijn na gebruik ethyl = pathognomonisch Hodgkin lymfoom

      • Localisatie supraclaviculaire boldronde , verkleefde adenopathie

      • Koorts eerst denken aan infectie maar kan ook bij lymfoma!

  • Thyroidpathologie

    • Cfr NKO-cursus

  • Overige

    • Benigne/maligne processen

    • Vasculaire

      • Aneurysma

      • Dissectie

      • Malformaties

    • Lipoma

    • Liposarcoma

    • Myoma

    • Myosarcoma

    • Schwannoom, neurinoom

      • Thv falanx voet: Morton neurinoom

      • Thv vestibulocochlearis: brughoektumor

      • Nervus vagus: periferal nerve sheet tumor, strikt horizontale mobilisatie

    • Glomus caroticum tumor

      • Vaak asymptomatisch

      • R/ watchful waiting, heelkunde, radiotherapie

Zwellingen op midlijn van gelaat en hals

Inleiding

  • Embryologie vs anatomie

  • Ductus thyreoglossuscyste: embryologisch traject op midlijn

  • Paramediaan soms variatie waardoor toch op midlijn gelegen

    • vb schildkliernodule

  • Toevallig

    • vb sebumcyste, folliculitis

  • Congenitale zwellingen op middenlijn

    • Reeds vanaf de geboorte

    • Vaak pas ontdekt op latere leeftijd

      • Door trage groei

      • Latente periode met nadien sterke groei

Ductus thyreoglossuscyste

  • E/

    • Schildklier vormt zich initieel thv foramen caecum => daalt af naar anterieur van trachea

    • Traject = ductus thyreoglossus, passeert doorheen hyoïd

    • Normaal spontane regressie, zoniet = persisterende ductus thyreoglossus => cysteuze omvorming met zwelling op midlijn/paramediaan

    • Ligging volgens positie hyoïd

      • 20-25% suprahyoidaal

      • 30% aan het hyoid

      • 45% infrahyoidaal

  • S/

    • M=V

    • 90% is jonger dan 20 jaar

    • Zeer uitzonderlijk bij zuigelingen (cyste moet zich eerst ontwikkelen)

    • Steeds uit te sluiten bij zwelling op midlijn bij jongeren

  • KO

    • PIjnloos glad gezwel mediane hals, zelden groter dan 2 cm

    • Kan ontsteken door communicatie met orale flora, pijn met pusafvloei

    • Beweegt bij slikken

  • Steeds beeldvorming + bloedafname

  • Schildkliertest

    • Ectopisch weefsel bij 25-35%

    • Indien sterk verhoogd: schildklierscintigrafie ter bepalen locatie overactieve zones/ectopisch weefsel

  • Echografie = gouden standaard

  • MRI/CT

    • Bepalen complexe relatie met hyoid en omliggende structuren

  • Biopsie/FNAC: niet steeds noodzakelijk, maakt soms chirurgie moeilijker door afname van gezwel

  • Kleine kans op maligniteit: 1%

  • R/

    • Bij infectie: AB (cefalosporine, augmentin, clindamycine)

    • Geen drainage tenzij gecompromitteerde luchtweg

    • Definitieve chirurgische resectie van volledige ductus tot aan foramen caecum = Sistrunk procedure

    • Indien hyoïd intact wordt gelaten stijgt recidiefkans van 4 tot 50%!

Ectopisch schildklierweefsel

  • E/

    • Bij 25-35% van ductus thyreoglossuscystes

    • Thv het traject, vnl thv foramen caecum (90%)

    • Vaak intra-oraal zichtbaar

    • Ectopisch schildklierweefsel is zeer frequent (bij autopsies bij 7-10% van patiënten aanwezig)

      • Slechts bij 1 op 100.000-300.000 symptomatisch

      • Hoger indien enkel beschouwing van patienten met schildklieraandoening: 1 op 4000-8000

  • S/

    • Zwelling

    • Hyperthyreoïdie

    • Zeer zelden: paraneoplastisch

  • Steeds bepalen schildklierfunctie

  • Scintigrafie

  • Indien bereikbaar: echografie

  • MRI/CT

  • R/

    • Indien symptomatisch

    • Excisie indien geen grote rol in algemene schildklierhomeostase, soms nadien noodzaak tot substitutie

Dermoïdcyste

  • Def: cystisch teratoom

    • Embryonale tumor met mature weefsels van uiteenlopende oorsprong met epitheelomvatting

    • Soms volledige tanden, haar, huidadnexen

    • Indien verbinding met huid/sinus/CZS = dermoid sinus (soms uitstekend plukje haar)

  • E/

    • Typisch thv embyronale fusieplaatsen

    • Inkapseling van stukje weefsel => ontstaan van cyste

    • Velen op midlijn doordat daar embryonale fusie gebeurt

      • Anterieure fontanel

      • Neusrug

      • Submentaal

      • Frontozygomatisch (niet op midlijn maar wel fusieplaats)

  • DDx

    • Thyreoglossuscyste versus submentale dermoidcyste via slikbeweging

  • S/

    • M=V

    • Vaak vroege diagnose

    • Soms trage groei waardoor laattijdigere diagnose met optreden van infectie

Ectopische thymus en thymuscyste

  • Def: Thymus = zwezerik = lymfoid orgaan

  • Anatomie: Klassiek thv anterieur mediastinum tussen sternum en trachea

  • Functie: uitrijpen T-lymofcyt gedurende kinderjaren, daarna spontane regressie bij puberteit

  • E/

    • Ontstaat in hals, afkomstig van 3e kieuwboog

    • Zakt af via thymofaryngeale ductus tot in thorax

    • Soms achterblijven weefsel= ectopisch

    • Soms over hele traject (cfr ductus thyreoglossuscyste)

    • Vaak net paramediaan gelegen

    • Soms tot in de hals: cervicale thymus

  • S/

    • Incidentie niet gekend

    • Beeldvorming + weefselonderzoek

  • Echo, MRI, CT+contrast

  • FNAC

Encefalocele en aangezichtsspleten

  • Encefalocelen = neurale buisdefect met herniatie van hersenweefsel

    • Klassiek thv achterhoofd

    • Kan ook in gelaat

  • Schisis

  • Andere spleten volgens Tessier

    • Paramediaan of mediaan gelegen

    • Tessier 0, 14 en 30

Infectieuze zwellingen

  • Zeer frequent, vaak op midlijn

  • Elk gezwel kan ontsteken

  • Vb angina Ludovici of Ludwig angina

  • Ludwig's angina

    • Def: uitgebreide cellulitis van mondvloer

    • Submandibulaire loge bestaat uit:

      • 1. Sublinguale loge (boven m. mylohyo)

        • Bevat: sublinguale speekselklier, n. hypoglossus, deel van submandibulaire speekselklier

      • 2. Submylohyoideale/submaxillaire loge (onder mylohyo)

        • Bevat: vnl submandibulaire speekselklier

    • E/ infectieus proces bij 80% dentogene focus, vaak vanuit M2-M3 regio (posterieur gelegen van aanhechting m. mylohyo)

    • S/

      • Levensbedreigende ademnood

      • Mortaliteit van 5%

    • Vanuit de bovenkaak: driehoek des doods (mondhoeken tot neusrug)

      • Drainage via vena facialis => anastomose naar oftalmische vaten => infectie sinus cavernosus => thrombose risico + risico hersenabcessen/meningitis

Neoplasmata

  • Lymfoom en lymfadenopathie: cfr laterale hals

  • Nodus van Delphi

    • Op midlijn voor de larynx

    • Voorspellend voor pathologie van schildklier/larynx

Schildkliergezwellen

  • Kan lijken op midlijnzwelling

  • Of gelegen in isthmus/lobus pyramidalis

  • Diff: solitaire nodulus versus veralgemeende opzetting

  • Solitaire nodulus vaak goedaardig

  • Risicofactoren maligniteit

    • Snel toenemend volume

    • Mannelijke patiënt

    • Uitwendige bestraling in de jeugd

    • Heesheid

    • Leeftijd > 60 jaar

    • Familiaal voorkomen schildklierca

    • Vast aanvoelende, harde nodule

    • Paraneoplastische symptomen

  • Warme versus koude nodule ahv hormoonproductie

    • Te controleren met bloedafname

    • Warme nodule = productie van schildklierhormoon

      • R/ Nauwe follow up

      • R/ Resectie enkel bij functionele klachten (zwelling, hyperthyreodie)

    • Meeste nodules = koud (80-85%)

      • Echo met FNAC

      • 5-8% is maligne

    • R/ indien resectie vaak hemithyroidectomie of excisie van nodule (eerder zeldzaam)

    • R/ High intensity focused ultrasound: warmte opwekken met ultrasone golven die nodule doen samentrekken

  • Veralgemeende zwellingen:

    • Def: Struma of goiter

    • Verschillende oorzaken

    • Diffuus of multinodulair

    • Functie normaal, hyper of hypo

    • E/

      • Jodiumdeficiëntie

      • Chronische auto-immune thyreoïditis (Hashimoto)

      • Graves

      • Multinodulaire struma

      • Maligniteit

    • Jodiumdeficiëntie

      • Belangrijkste oorzaak

      • Door lage hoeveelheden jodium => compensatoire verhoging TSH => progressieve zwelling schildklier => blijven lage schildklierfunctie behouden tot tekort wordt aangevuld

      • Kan leiden tot cretinisme

      • Belangrijkste oorzaak van mentale handicap wereldwijd

      • In 2007: 2 miljard mensen met jodiumtekort, 1/3 kinderen

    • Hashimoto

      • 1 van de voornaamste oorzaken van hypotheryreoïdie

      • Antistoffen: anti-TPO, anti-TG op te sporen via bloedafname

      • Plotse hyperthyreoïdie: thyreotoxicose

    • Graves

      • Autoimmuun: vorming TSI (thyroid stimulerend immunoglobulines)

      • Gelijkaardig effect als TSH

      • Ontstaan hyperfunctie van schildklier

      • S/

        • klassieke symptomen hyperthyreoïdie

        • Tachycardie

        • Zwelling schildklier

        • Exoftalmie

      • R/

        • Verwijderen schildklier

        • Hormoonsubstitutie

    • Multinodulair struma

      • Idem als solitaire nodus

      • Nauwe opvolging want 3-5% maligniteit

      • R/ indien optreden hyperthyreoïdie (warme noduli) of bij storende zwelling

    • Schildkliercarcinoom

      • 14/100.000

      • 4 types

        • Papillair (80%)

          • 5YS van 96%

        • Folliculair (15%)

          • 5YS van 91%

        • Medullair (3%)

          • 5YS 80%

        • Anaplastisch

          • 5YS 7%

          • Neiging tot invasie, zeer agressief

          • Resistent aan therapie

      • R/

        • Combinatie van chirurgie, radiotherapie (radioactieve jodium), TSH suppressie

        • Thyroidectomie versus hemithyroidectomie (lobectomie) versus subtotale thyroidectomie

Larynxtumoren

  • Nodus van Delfi

  • Doorbraak tumor door kraakbeen

    • Zelden eerste symptoom

    • Eerst heesheid, stridor, dysfagie

  • Meestal spinoCC

  • Diagnostische endoscopie

  • R/

    • Radio-chemo-chirurgie

    • Endoscopische chirurgie, mbv laser

    • Soms laryngectomie

Duikende ranula

  • DEF: mucocoele van mondbodem afkomstig van ggl sublingualis of ductuli van rivini

  • E/

    • Obstructie van kliertjes => retentiemucocele door ductale ectasie

    • 10% is retentietype in ductuli van Rivini

    • Meerderheid is extravasatietype: na trauma blind eindigende ductus met extravasatie van speeksel

      • Uitgaand van corpus van glandula sublingualis

    • Geen bedekking van epitheel dus benaming van cyste is fout

  • Duikende ranula

    • Rust normaal op mylohyo, wanneer ze hierdoor duikt = plunging ranula

    • E/ ectopische glandula sublingualis onder mylohyo, doorbraak door spier, extensie ranula over achterrand van de mylo

    • 44% is iatrogeen na trauma

    • Diagnose: echografie en kliniek

    • FNAC toont speeksel

    • Zelden CT/MRI

    • R/

      • Niet steeds nodig, zeker als het congenitaal is

      • Sclerotherapie met bleomycine mogelijk

      • Chirurgische resectie: recidiefgevoelig: 55-60% indien enkel ranula wordt verwijderd, 1-2% indien ranula + ggl sublingualis wordt verwijderd

Zwellingen in de mond uitgaande van de kaakbeenderen

Onderscheid:

  • Botonstekingen

  • Cysten

  • Kaakbeentumoren: odontogeen/niet-odontogeen

Osteomyelitis

  • E/

    • Bacteriële menginfectie

    • Meestal thv onderkaak

    • Uitlokkende factoren

      • Voorafgaande langdurige odontogene infectie

      • Slecht genezende fractuur

      • Aanwezigheid osteosyntheseplaat of implantaat (corpus alienum)

      • Iatrogeen (na wegboren bot voor verwijderen M3)

  • S/

    • Pijn

    • Tekens van inflammatie: fistels, diffuse zwelling

    • Koorts, malaise, adenopathie

  • RX

    • Beginstadium: geen afwijkingen

    • Na 1 week: diffuse veranderingen, ontwikkelen sekwesters

  • R/

    • Chirurgisch verwijderen van oorzaak

    • Langdurig breedspectrum AB

    • HBOT indien chronische osteomyelitis

Cysten

  • Dentogene als niet-odontogene origine kunnen zwelling geven zodra buccale botplaat wordt verplaatst of ze zich buiten bot begeven

Odontogene en niet-odontogene tumoren

  • Kunnen allen zwelling geven (incl fibro-osseuze laesies en reuscellaesies)

  • Goedaardige S/

    • Trage groei zonder pijn

  • Rx

    • Maligne:

      • Onregelmatig

      • Onscherp afgelijnd

      • Niet-gecorticeerde rand

      • Vingervormige projecties

      • Aantasting canalis mandibulae

      • Radiolucent door destructie

      • Soms radiodens: metastase borst/prostaatca, osteosarcoom (voorkeur posterieure mandibula)

      • Wortelresorptie: onregelmatig bij osteosarcoom/multiple myeloom, regelmatig bij ameloblastoom/pindborg tumor

      • Verbreding PDL, verticale mobiliteit

      • Vaak geen tijd voor periostale reactie

        • Wel bij osteosarcoom: sunray beeld

    • Benigne

      • Multiloculair, zeepbelaspect zowel bij odontogene als niet odontogene

    • Multiloculariteit komt voor bij

      • Cystische letsels: glandularige odontogene cyste, keratocyste

      • Goedaardige odontogene + niet-odontogene tumoren

        • Ameloblastoma

        • Odontogeen myxoma

        • Odontogeen myxofibroma

      • Fibro-osseuze laesies

        • Cemento-ossifying fibroma

        • Ossifying fibroma

        • Fibreuze dysplasie

      • Reuscellaesies

        • Centraal reuscelgranuloom

        • Cherubisme

        • Aneurysmale botcyste

        • Ossifying fibroma met aneurysmale botcyste

        • Traumatische botcyste

      • Muco-epidermoid carcinoma thv kraakbeen

Zwellingen van het palatum

  • Frequent en zeer uiteenlopende E/

  • Oorzakelijke groepen

    • Dentaal

    • Bot

    • Inflammatoir

    • Cystisch

    • Neoplastisch

    • Mucosaal

    • Systeemziekte

    • Vasculaire malformatie

    • Hele reeks zeldzaamheden

  • Klinisch

    • Snelheid van opkomen + pijnlijk al dan niet

    • Pijnlijk: denk infectieus

  • Rx apicaal, OPG, CBCT

    • Ingesloten hoektand

    • Zwelling uitgaande van palatale wortels M1, M2, PM

  • Beoordeel steeds tandvitaliteit

  • Midlijn

    • Anterieur: cyste van ductus nasopalatinus

    • Midden: torus palatinus

  • Palatum primum

    • Zelden maligniteit tenzij bij doorbraak uit sinus/neus of maligne odontogene tumor

    • Verhoogde mobiliteit in een zwelling is verdacht teken

  • Hypoesthesie is steeds verdacht

    • Met name posterieur en in regio van foramen palatinum major => speekselkliertumoren

    • Adenoid cystic carcinoma en muco-epidermoid carcinoma breiden perineuraal uit

    • Perineuraal: Schwannoma, lymfoma, melanoma

  • Verder

    • Benigne

      • Pleiomorf adenoma

    • Maligne

      • Adenoid cystic carcinoma

      • Mucoepidermoid carcinoma

  • Uitgaande van weke delen (affecteren tanden meestal niet)

    • Bloedvaten

    • Speekselklieren

    • Zenuwen

    • Vet

    • Bindweefselcellen

    • Ganglia

  • Tandgerelateerde S/

    • Reuscelgranulomen

    • Fibro-osseuze letsels

    • Odontogene cysten en tumoren

    • Prothese die niet meer past bij edentaat, warm aanvoelende massa: denk aan Paget

  • Palatum molle

    • Denk steeds aan speekselkliertumoren en parotistumoren (diepe pool)

  • SpinoCC van palatum

    • Eerder induractie/ulceratie dan zwelling

  • Lymfoom

    • Zacht en vaker bij oudere patient

  • Hemangioom

    • Blauwachtig

  • AV-malformatie

    • Volwassenen

  • Uitgaande van neus/sinussen

Zwellingen van de gingiva

Gelokaliseerde gingivale zwellingen

Parulis

  • Def: laesie enkel op de gingiva met odontogene/parogene bron

  • E/

    • Periaicale infectie met cortexdoorbraak en drainage in weke delen

    • Pardontologisch bij verdiepte pockets

  • Diagn/

    • Rx + vitaliteitstest + pocketmeting

    • Guttapercha + rxopname

  • KO

    • Zachte rode papel met vaak pusafvloei bij palpatie

  • R/

    • Endo

    • Scaling

    • Extractie

    • Spontane heling als infectie is weggenomen

Epulis

  • Def: lokale zwelling van de gingiva

  • Diff diagn

    • Breed zonder histologie

    • Meeste zijn reactief (irriterende factor)

    • Maligniteiten

  • Twee groepen

    • Intravasculaire laesies

      • Rood-blauw aspect

      • Epulis granulomatosa (pyogeen granuloom)

      • Epulis gravidarum (pyogeen granuloom)

      • Epulis gigantocellularis (perifere reuscellaesie)

    • Bindweefsellaesies

      • Epulis fibromatosa (perifeer fibroom)

      • Epulis fissurata (irritatiefibroom)

      • Congenitale epulis

  • Epulis granulomatosum (pyogeen granuloom)

    • Def: tumorachtige granulomateuze weke delen woekering op milde irritatie

    • E/ milde irritatie/trauma

    • KO:

      • Pijnloze exofytische nodulaire massa

      • Gesteeld of sessiel

      • Diep rode kleur

      • Oppervlak geulcereerd of bedekt met fibreus beslag

      • Gesitueerd op gingiva, lip of tong

    • Diagn: excisiebiopsie

    • DDx

      • Reuscelgranuloom

      • Fibroma hemangioma

      • Metastase

    • R/

      • Excisie

  • Epulis gravidarum

    • Def: zwangerschapsgingivitis

    • Bij 5% van zwangerschappen, voorkeur in 2e trimester

    • Regresseert spontaan in eerste 6e maanden postpartum

    • E/ toename plasmaspiegels oestrogeen/progesteron + slechtere mondhygiëne

    • KO/

      • Helderrode gingiva

      • Zacht aanvoelend, oedemateus

      • Inflammatoir

      • Bloedt makkelijk

    • R/

      • Excisie met goede mondhygiëne

  • Epulis gigantocellularis/perifeer reuscelgranuloom

    • Def: weinig frequente reactieve tumorale woekering

    • E/

      • Lokale irritatie/trauma

      • Komt voort uit periost/PDL

    • KO

      • Enkel thv gingiva of edentate zones alveolaire kam

      • Bloedt makkelijk

      • Ulceratief kan

      • Kan osteolyse veroorzaken en zo mobiliteit tanden geven

    • Diagn: APO

    • DDx

      • Pyogeen granuloom

      • Fibroma

      • Kaposi sarcoma

    • R/ excisie + curettage van omliggend bot

  • Epulis fibromatosa / perifeer fibroma

    • DEF: reactieve woekering van bindweefsel

    • E/ niet steeds gekend, lokale irritatie/trauma

    • KO

      • Sessiel of gesteeld

      • Ulceratie

      • Rode/donkerrode kleur

    • Subtypes

      • Odontogeen fibroom

      • Ossificerend fibroom

      • Reuscelfibroom

    • DDx

      • Andere vormen van epulis

    • R/

      • Excisie

  • Epulis fissurata / irritatiefibroom

    • Def: frequent, weke delen reactie op slecht passende prothese

    • E/ irritatie door scherpe randen, lange randen

    • KO

      • Enkele/meerdere verlengde mucosale plooien in de omslagplooi

    • DDx

      • Fibroma

      • SCC

    • R/ resectie + aanpassen prothese

  • Congenitale epulis

    • Def: neoplasie van ongekende oorzaak thv alveolaire kam bij neonaten

    • E/ niet gekend

    • KO/

      • Polypoide zwelling

      • Gesteeld

      • Enkele mm tot cm op alveolaire kam

      • Maxillair > mandibulair

      • V>M

    • DDx

      • Neuro-ectodermale tumoren

      • Fibroom

      • Pyogeen granuloom

    • R/ excisie

  • Kwaadaardige letsels - SCC

    • SCC van gingiva of alveolarie kam = 15% van alle intra-orale SCC

    • KO

      • Rode proliferatie met lokaal witte onregelmatigheden (DDx leukoplakie, pyogeen granuloom)

      • Bloedvaten in epitheel

      • Onregelmatige aflijning

      • Oppervlakkige ulceratie

    • Palpeer steeds halsregio's!

Veralgemeende gingivale zwelling

Medicamenteus geïnduceerde zwelling

  • Drie frequente medicatieklasses

    • Anti-epileptica

      • Bij 30-60%, vnl eerste maanden van gebruik

    • Ca-antagonisten

      • Bij 30-60%, vnl eerste maanden van gebruik

    • Cyclosporines

      • Posttransplantatie

      • Vnl bij opstart (hoge dosis cyclosporine)

  • E/

    • ongekend

    • medicaties hebben allen invloed op Na en Ca huishouding. Ca opname fibroblast is geremd => collageen huishouding en immuunrespons gestoord

    • Geen duidelijke correlatie tussen dosis, serumconc, leeftijd of geslacht

  • KO

    • Begint thv interdentale papillen

    • Vnl thv fronttanden

    • Makkelijk bloedend

    • Bij pseudopockets => ontstaan klachten inflammatoire gingivitis

  • R/

    • Goede mondhygiëne

    • Medicatieswitch indien mogelijk

    • Aanvullende gingivectomie

Mondademhaling

  • E/ Door mondademhaling/lipincompetentie

  • KO/

    • Gingiva is gezwollen, rood, droog

  • Diagn/

    • Klinisch

  • R/

    • Gingivectomie

    • Afleren habituele mondademhaling

Gingivale fibromatose

  • E/

    • Autosomaal dominant

    • Genafwijking => TGF stimulatie van fibroblasten thv gingiva

    • M=V

    • Typisch rond leeftijd van 10 jaar presentatie

  • KO

    • Interdentale stevige zwelling zonder infectie/inflammatie

    • Zowel linguaal als vestibulair

    • Maxilla > mandibula

    • Soms belemmering eruptie indien uitgesproken

    • Extra-orale S/

      • Hirsutisme

      • Epilepsie

      • Doofheid

  • R/

    • Gingivectomie (heelkunde/laser)

    • Recidief

Leukemie

  • Def: maligne aandoening door overproductie van leukocyten

  • Types:

    • acuut versus chronisch

    • Myeloid-lymfocytisch

  • KO

    • Rode, sponsachtige gingiva

    • Bij progressie eerder paarse gingiva, afstaande papillen, bloeding

    • Extra-orale S/

      • Adenopathieën

      • Malaise

      • Anemie

      • Infecties

  • R/

    • Radio-chemotherapie

    • Beenmergtransplantatie

    • Gingiva-aantasting: grondige mondhygiëne, antibacteriële spoeling

Zwellingen van de lip

Gelokaliseerde lip zwelling

Hematoma

  • KO

    • Fluctuerend oedeem

    • Onregelmatige aflijning

    • Pijnlijk

    • Laceraties

    • Bloedingen

    • Tandletsels

    • Op kinderleeftijd

  • R/ resorbeert spontaan, verzorgen van laceraties

Mucocoele

  • E/ kleine speekselklier/afvoergang

  • Types

    • Extravasatie mucocoele: meest frequent (90%)

      • Schade aan ducti door trauma

      • 2e/3e levensdecade

    • Retentiemucoele

      • Partiele obstructie ductus door infectie, lithiasis, andere

      • Oudere leeftijd

  • Locatie

    • Onderlip, thv PM of hoektand

    • Buccale mucosa, mondvloer, gehemelte, palatum, tong

    • Thv bovenlip zeldzaam + DDx met pleiomorf adenoma

  • KO

    • Pijnloze ronde solitaire zwelling

    • varieren in omvang en grootte

    • Translucent tot blauwachtig, indien diep gelegen: normale mucosakleur

    • Komen snel op, blijven persisteren voor weken/maanden

  • R/ excisie, kans op recidief

Speekselkliertumoren

  • Beweegbare nodule van zachte consistentie

  • Pijnloos

  • Traag groeiend

Veralgemeende lip zwelling

Angio-oedeem

  • Syn/ Quincke-oedeem, angio-neurotisch oedeem

  • Verworven of aangeboren

  • Cfr supra

  • KO

    • Zwelling is glad, pijnloos

    • Zelden symmetrisch

    • Vnl lippen maar ook tong en palatum kan

    • Bedreiging luchtweg

  • DDx

    • Cheilitis granulomatosis

    • Melkersson-Rosenthal

    • Autoimmune aandoeningen

    • Insectenbeten

Cheilits granulomatosa

  • E/

    • Abnormale immuunrespons op allergeen/vreemd voorwerp

  • S/

    • Asymptomatisch

    • Periodes van opstoten en remissies

  • KO

    • Niet-pijnlijke zwellig van lip

    • Neemt langzaam toe

    • Kan in beide lippen, voorkeur voor onderlip

    • Kleur blijft normaal

    • Granules bij palpatie

  • APO

    • Granulomateuze inflammatie

  • R/

    • Vermijden prikkels

    • Triamcinolone injectie intralesionair

    • Topische steroiden

    • Heelkunde

Melkersson-Rosenthal

  • Gelijkaardig beeld als cheilitis granulomatosa

  • Bijkomende symptomen!

  • Triade

    • Cheilitis granulomatosa

    • Unilaterale faciale paralyse

    • Fissuurtong

  • R/

    • Idem als cheilitis granulomatosa

Ziekte van Crohn

  • Def: regionale illeïtis door chronische inflammatoire ontsteking

  • Kan mondholte aantasten

  • E/ onduidelijk

  • KO

    • Variabel

    • Vooral jongere personen

    • Abdominale klachten op voorgrond

      • Pijn, nausea, diarree, koorts, rectale bloeding

    • 10-20% orale laesies, triade:

      • Diffuse lipzwelling

      • Kasseivormige mucosale streping

      • Mucosale hypertrofie

    • Orale ulceraties

  • DDx

    • Pyogeen granuloom

    • Granulomatosis

    • Sarcoïdosis

  • R/

    • Sulfasalazine

    • Topische/systemische steroïden

Zwellingen van de tong

  • Opgezwollen tong

    • Meerdere oorzaken

      • Ontsteking

      • Weefselschade

    • Soms levensbedreigend

Lipoma

  • Def: benigne tumor van adipeus weefsel

  • Frequent thv huid, zeldzaam thv mondholte

  • E/ niet gekend

  • KO

    • Pijnloze zwellig, deegachtig, mobiliseerbaar

    • Geel tot licht paars

    • 5 mm tot 3 cm

    • Vnl 40-60 jarigen

  • DDx

    • Fibroma

    • Myxoma

    • Mucocoele

  • R/ excisie

Fibroma

  • Def: meest frequente benigne tumor in mond bestaande uit bindweefsel

  • E/ lokale factoren/trauma

  • KO

    • Sessiel of gesteeld

    • 5 mm tot 3. cm

  • R/ excisie en wegnemen oorzaak

Neurofibroma

  • Def: benigne zwelling uit woekering perineuraal weefsel: schwanncellen of perineurale fibroblasten

    • Geen neiging tot metastases

  • S/

    • Asymptomatisch

    • Paresthesieën en pijn mogelijk bij penetratie in diepte

  • KO

    • Stevies sessiel

    • Paarse kleur

    • Solitair of multipel

    • Bij multipel denk aan neurofibromatosis (café au lait

    • Thv tong maar ook mucosa en palatum

  • DDx

    • Fibroma

    • Traumatisch neuroma

    • Reuscelgranuloma

  • R/ excisie

Lymfo-epitheliale cyste

  • Def: zeldzame ontwikkelingsstoornis met cystische degeneratie van klierweefsel overdekt door epitheel

  • KO

    • Asymptomatische goed afgelijnde nodule

    • Stevig met witgele kleur

    • Cysteus beeld

    • Vnl thv tong, soms mondvloer

  • Diagnose via PAO

  • R/ excisie

Vasculaire afwijkingen

  • 2 categorieën

    • Vasculaire malformaties

      • Capillair

      • Veneus

      • Lyfmatisch

      • Arterioveneus

    • Vasculaire tumoren

      • Hemangioma

      • Hemangiomaendothelioom

      • Tufted angioma

      • Pyogeen granuloma

  • DDx

    • Relatief makkelijk te onderscheiden

    • Bij druk verdwijnt rode kleur en wordt letsel bleek, bij loslaten zien we terug filling

Besluit

Wanneer hoofdklacht zwelling is dan gebruiken we volgend denkkader

  • Systeemaandoeningen

    • Veralgemeende gelaatsuitdrukking

    • Veralgemeende gingiva pathologie

    • Idem bij medicatiegebruik

  • Congenitaal

    • Vasculair

    • Lymangioom (posterieure halsdriehoek)

    • Fusiestoornissen (op midlijn of op verloop kieuwbogen, voor de SCM): pits, fissuren, sinussen, fistel, cysten

  • Infecties

    • Dentogeen, systemisch, granulomateus

    • Zoeken naar pijn, sliklast, koorts, malaise

  • Odontogene/niet-odontogene cysten

    • Meestal asymptomatisch tenzij surinfectie

    • Surinfectie vnl bij congenitale cysten

  • Goedaardige tumoren

    • Soms moeilijk onderscheid met kwaadaardige/fibro-osseuze

    • Rx-aandachtspunten

      • Aflijning: scherp/wazig

      • Verdringing wortels

      • Buitenste cortex, canalis mandibulae

      • Wortelresorpties, type resorptie

      • Multiloculariteit

      • Honinggraatbeeld of zeepbelbeeld

      • Zoonestraalreactie op rand van het proces

      • Uitgebreidheid en lokalisatie

  • Mucocoele van bovenlip is zeldzaam, voorkeur voor speekselkliertumor

  • Anterieure palatum is domein van dentogene pathologie

    • Eens voorbij het foramen incisivum stijgt kans exponentieel op pathologisch proces!

Last updated